Wie draagt de last van archeologisch bodemonderzoek?



Moet een eigenaar van een stuk grond die dat wil bebouwen of bewerken aantonen dat daardoor geen archeologische waarden in het gedrang komen? Kortom: betaalt de mogelijke verstoorder van die waarden de kosten van archeologisch bodemonderzoek? Of moet de overheid het bestaan van dergelijke waarden eerst aantonen, alvorens een eigenaar gedwongen kan worden daar rekening mee te houden?

Bij de vaststelling van een bestemmingsplan moet de gemeenteraad zich rekenschap geven van de mogelijk aanwezige archeologische waarden in het gebied. De basis hiervoor is te vinden in de artikelen 38-40 Monumentenwet (deze wet is weliswaar vervallen met de inwerkingtreding van de Erfgoedwet, maar o.m. die bepalingen blijven krachtens het daarbij behorende overgangsrecht gelden tot dat de inwerkingtreding van de Omgevingswet). Zonodig kan dan een vergunningstelsel worden opgenomen, dat erop gericht is om te voorkomen dat door bijv. graven of bouwen die mogelijk aanwezige archeologische waarden worden verstoord. Daarbij kan de eis worden gesteld dat de aanvrager bij zijn aanvraag een rapport van een archeologisch (bodem)onderzoek moet overleggen.

Het opnemen van zo’n archeologisch beschermingsregime in een bestemmingsplan kan dus nogal wat gevolgen hebben voor een grondeigenaar. Plotseling heeft hij voor allerlei activiteiten een vergunning nodig heeft en ziet hij zich gesteld voor kosten van archeologisch onderzoek, voordat hij die kan aanvragen. Geen wonder dat niet iedere grondeigenaar daar gelukkig mee is.

De uitspraak van de Afdeling van 25 april 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:1342) handelt over een beroep van de landbouworganisatie LTO-Noord namens agrariërs in het buitengebied van Pekela, gericht tegen een bestemmingsplan, waarin zo’n regime was opgenomen. De raad had besloten dat op te nemen op basis van gegevens uit een beleidsnota, die gebaseerd was op een aantal historische bronnen, zoals oude atlassen en kadasterstukken, waaruit de aanwezigheid van mogelijke archeologische waarden kon worden afgeleid. LTO-Noord stelde daartegenover dat de mogelijk in het gebied aanwezige waarden inmiddels door het langdurig agrarisch gebruik ervan al zodanig verstoord waren, dat niet zonder meer kon worden aangenomen dat aannemelijk was dat er nog iets beschermenswaardigs aanwezig was. Volgens LTO Noord had de raad daarom niet op grond van de historische informatie tot vaststelling van het bestemmingsplan mogen overgaan, zonder eerst zelf aan de hand van bodemonderzoek vast te stellen wat er daadwerkelijk nog te beschermen was.

De Afdeling gaat hier niet in mee. Onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis stelt zij dat het uitgangspunt is dat het gemeentebestuur op basis van historische bronnen vaststelt of het aannemelijk is dat er archeologische sporen in een gebied aanwezig zijn. Bodemonderzoek is pas noodzakelijk als dat kaartmateriaal niet toereikend is. Het argument dat het langdurig agrarisch gebruik eventuele sporen toch wel zal hebben uitgewist, overtuigt de Afdeling niet. Zij overweegt dat dit “… niet per definitie [betekent] dat de bodem zodanig verstoord is dat er het geheel geen archeologische waarden meer te verwachten zijn”.

De poging van LTO om de financiële last van het archeologisch bodemonderzoek via het motiveringsbeginsel naar de gemeente te schuiven, slaagt dus niet.

Ook twee individuele eigenaren waren opgekomen tegen het opnemen van een archeologisch beschermingsregime voor hun eigendommen. Zij hadden in hun zienswijze gewezen op concrete verstoringen van de bodem in hun percelen, waardoor naar hun inzicht geen archeologische waarden meer aanwezig waren. De raad was daar echter aan voorbij gegaan, omdat die verstoringen niet verifieerbaar zouden zijn. Dat argument hield stand, hoewel het met die verifieerbaarheid wel losliep. De appellanten hadden in de beroepsfase een “Bodemverstorinsgonderzoek door middel van 20 bodemprofielputten” laten uitvoeren, waaruit inderdaad bleek dat de bodem ernstig verstoord was.

De Afdeling overwoog wederom dat de raad bij het vaststellen van het bestemmingsplan had mogen uitgaan van de historische bronnen en niet zelf gehouden was tot bodemonderzoek naar de resterende archeologische potentie. Het onderzoek dat appellanten in de beroepsfase hadden laten uitvoeren, kon daar niet aan af doen. De uitkomsten daarvan had de raad immers niet bij de vaststelling van het plan kunnen betrekken, want die waren toen nog niet beschikbaar. Wel zouden die uitkomsten – die vrij overtuigend lijken te zijn geweest – volgens de Afdeling voor de raad aanleiding kunnen zijn om te beoordelen of het plan aanpassing behoeft. Maar tot vernietiging leidt dat dus niet en de kosten van het onderzoek zijn dan al gemaakt en gedragen door de betrokken eigenaren.

Deze bijdrage is ook gepubliceerd in de Nieuwsbrief Omgevingsrecht van SDU.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jan Coen Binnerts (tel. 0235530246), binnerts@potjonker.nl, of één van de andere advocaten van de sectie Bestuurs- en Overheidsrecht van Pot Jonker Advocaten.




Actueel / blog

Pot Jonker loopt de Haarlemse Grachtenloop

Afgelopen week was het weer tijd voor de Haarlemse Grachtenloop. Al ruim 15 jaar loopt het Pot Jonker-team mee met deze gezellige midzomeravondloop. Deelname is een feest “Deelname aan de Grachtenloop is altijd een feest! De voorbereidingen die je als team treft om gezamenlijk prijzen te pakken, want zo fanatiek zijn we dan wel, is heel leuk.  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
16 juli 2019

Het nieuwe stappenplan toegepast: slaagt het beroep op het vertrouwensbeginsel?

In een uitspraak van 5 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1838, past de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) het stappenplan uit haar uitspraak van 29 mei 2019 toe om te bepalen of het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt. Feiten Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn (college)  trad handhavend op tegen bouwwerken  ❯


Vrouwelijk bestuur De Jonge Balie in het Advocatenblad

Leuk om één van onze jonge advocaten namelijk mr. Rachel Hoeneveld, naar aanleiding van haar rol als secretaris van De Jonge Balie Noord-Holland, terug te zien in de meest recente uitgave van het Advocatenblad. Samen met vier andere vrouwen vormt zij het bestuur van deze vereniging voor advocaten uit Noord-Holland. “Vanuit Pot Jonker levert iedereen  ❯


Endotoxinen, zoönose, gezondheid en de noodzaak tot het opstellen van een milieueffectrapport

De vrees voor gezondheidsschade door fijn stof, endotoxinen en/of zoönosen (van dier op mens overdraagbare ziekten) speelt steeds vaker een rol bij het verlenen van omgevingsvergunningen in met name de agrarische- en veehouderijsector. Voor fijn stof zijn emissiefactoren vastgesteld voor runderen, varkens, geiten, kippen, kalkoenen, eenden, nertsen en parelhoenders. De varkenssector en met name de  ❯


Interview met Babette Blaisse over oneerlijke overheidsconcurrentie

Ter voorkoming van oneerlijke concurrentie dienen overheden die concurreren met marktpartijen zich te houden aan de gedragsregels in de Wet Markt en Overheid. Deze gedragsregels kunnen opzij worden gezet door het nemen van een algemeen belang besluit. In verschillende rechtszaken is inmiddels geprocedeerd over de vraag of de exploitatie van parkeergarages door de overheid kan  ❯


Rocco Mulder aangesteld tot curator in faillissement Indiase Jet Airways

De op één na grootse luchtvaartmaatschappij van India, Jet Airways (India) Limited, is op 21 mei 2019 door de rechtbank Noord-Holland in Haarlem in staat van faillissement verklaard met aanstelling van Rocco Mulder tot curator. Het faillissement is aangevraagd door transporteurs uit België en Luxemburg. Rocco Mulder is één van de drie bij Pot Jonker  ❯


Pot Jonker staat burgemeester Haarlemmermeer bij in kort geding OV-staking

Door de landelijke OV-staking vandaag is het voor veel mensen een uitdaging om op hun plek van bestemming te komen. Dat is niet alleen vervelend, maar kan ook tot gevaarlijke situaties leiden daar waar grote mensenmassa’s stranden. Daarom zijn we trots dat Pot Jonker advocaten de burgemeester van de Haarlemmermeer succesvol heeft kunnen bijstaan in  ❯


Pot Jonker advocaten zoekt ervaren advocaat IT, IE, privacy & e-commerce

Vanwege de groei van onze sectie IT, Intellectueel eigendom (IE), privacy en e-commerce kijken wij uit naar een ondernemende en gedreven advocaat om met ons deze praktijk verder uit te bouwen. Techsectie bij Pot Jonker Onze sectie IT, IE, privacy & e-commerce werkt voor middelgrote tot grote ondernemingen in het hogere segment, overheden en zorginstellingen.  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
24 mei 2019

Wijzigingen medisch tuchtrecht per 1 april 2019

Waarschijnlijk bent u er al mee bekend dat de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) per 1 april 2019 is gewijzigd. Omdat een aantal van die wijzigingen vrij ingrijpend zijn, zal ik de belangrijkste veranderingen voor u op een rij zetten: Verruiming van de reikwijdte van de Wet BIG Niet alleen  ❯


Contracting als nieuwe vorm van samenwerken: het ei van Columbus

De laatste jaren is er veel te doen over allerlei nieuwe samenwerkingsvormen. Iedereen kent de klassieke arbeidsovereenkomst en uitzendrelatie. De laatste jaren was de samenwerking met zzp’ers een hot topic en momenteel staat arbeid via een platform (zoals Deliveroo) veel in de belangstelling. Daarnaast wordt weleens gesproken over problemen met contracting. Maar wat is dat  ❯