Raad van State staat categorale uitzondering WNT voor topfunctionarissen ziekenhuizen niet toe



Onlangs bracht ik u in een tweetal blogs (Update Wet Normering Topinkomens (WNT) en Kabinet wil ontwijking WNT door zorginstellingen de kop indrukken) op de hoogte van belangrijke WNT-ontwikkelingen. Er is wederom nieuws te melden.

De WNT normeert de bezoldiging van onder andere topfunctionarissen in ziekenhuizen. Deze normering geldt in beginsel voor iedere topfunctionaris die onder de reikwijdte van de WNT valt. In exceptionele gevallen kan de minister echter een uitzondering toestaan, namelijk indien de WNT adequate bemensing op topniveau onmogelijk maakt (zie in dit kader artikel 2.4 en 2.5 WNT). In dat geval is toestemming voor een hogere bezoldiging mogelijk.

De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) heeft in een jaren durende procedure getracht de minister te verplichten tot het maken van zo’n uitzondering. In november 2015 verzocht zij de minister een afwijking van de bezoldigingsmaxima in WNT ten aanzien van al haar (toekomstige) leden toe te staan. De minister achtte dit onmogelijk en wees het verzoek af. Het daarna door de NVZ ingestelde bezwaar en beroep leidde tot dezelfde uitkomst: geen categorale uitzondering op de WNT voor de leden van de NVZ.

De NVZ gaf de moed niet op en heeft de kwestie in hoger beroep voorgelegd aan de Raad van State. Maar ook daar ving zij bot. De kern van de uitspraak van de Raad van State (en overigens ook van die van de rechtbank en daarvoor van de minister) luidt dat de uitzonderingsmogelijkheid in de WNT geen ruimte biedt voor een categorale uitzondering op de bezoldigingsmaxima. De mogelijkheid veronderstelt dat partijen die een dienstverband willen aangaan, een verzoek kunnen doen voor het maken van een uitzondering. Dat verzoek kan enkel worden gehonoreerd in exceptionele gevallen die individueel zijn onderbouwd.

De NVZ stelde nog dat haar uitzonderingsverzoek moest worden aangemerkt als 100 individuele uitzonderingsverzoeken maar daar ging de Raad niet in mee. De brief waarmee de NVZ haar verzoek had ingediend was namelijk geschreven namens alle leden; er waren geen individuele omstandigheden aangevoerd en er was uitdrukkelijk om een categorale uitzondering verzocht. Bovendien, zo overwoog de Raad ten overvloede, heeft het verzoek van de NVZ de strekking dat wordt toegestaan dat voorafgaande aan de werving van een topfunctionaris een beloning in het vooruitzicht wordt gesteld die hoger is dan in de WNT is vastgelegd. Dat is volgens de Raad niet mogelijk; een hogere beloning kan enkel in een concreet geval worden toegestaan.

Met de uitspraak van de Raad heeft de NVZ alle procedurele mogelijkheden uitgeput. Voor haar (toekomstige) leden geen – categorale – uitzondering op de WNT.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Shira Vrij (tel. 023 553 02 56 of vrij@potjonker.nl) of een van de andere advocaten van de sectie arbeidsrecht.




Actueel / blog

Vacature: advocaat-stagiaire Ondernemings- en Insolventierecht en advocaat-stagiaire Vastgoed

Pot Jonker Advocaten N.V. is een van de grote kantoren in de regio Haarlem. Bij Pot Jonker werken ambitieuze advocaten met liefde voor het vak en een “no nonsense” mentaliteit. De sfeer op kantoor is informeel en collegiaal. Deuren staan open en kennis en ervaringen worden gedeeld. Er wordt veel samengewerkt in secties en praktijkgroepen  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
16 januari 2019

Wijziging van de ladder voor duurzame verstedelijking, hoeveel treden worden er werkelijk genomen?

De realisatie van een bedrijf zal vaak als nieuwe stedelijke ontwikkeling kwalificeren. In dat geval moet aan de ladder voor duurzame verstedelijking worden voldaan (de Ladder). Kort samengevat onderzoekt het bevoegd gezag (in de praktijk laat het bevoegd gezag dit onderzoeken) bij het aflopen van de Ladder of er wel behoefte is aan het nieuwe  ❯


Annotatie over toezichthoudersaansprakelijkheid

Toezichthoudersaansprakelijkheid: Heeft de toezichthouder in redelijkheid tot zijn beleid met betrekking tot toezicht en controle dan wel tot zijn optreden in een concreet geval kunnen komen, gegeven een ruime mate van beleids- en beoordelingsvrijheid, het aan de orde zijnde risico en de hem bekende omstandigheden? Barkhuysen & Swagemakers, Gst. toezichthoudersaansprakelijkheid


De overheid als contractpartner bij ruimtelijke ontwikkelingen – verzwakt veel beloven het vertrouwen?

In de praktijk komt het regelmatig voor dat de gemeenteraad planologische medewerking onthoudt aan een ruimtelijke ontwikkeling, nadat de ontwikkelaar daarover maanden – soms jaren – overleg heeft gevoerd met de gemeente. De ontwikkelaar ontleende aan dat overleg het vertrouwen dat de gemeenteraad zijn planologische medewerking wel zou verlenen. Soms is dat vertrouwen zelfs gebaseerd  ❯


Het relativiteitsvereiste bezien vanuit vier groepen belanghebbenden

Sinds 1 januari 2013 kent ook het algemene bestuursrecht de relativiteitseis (art. 8:69a Awb), nadat deze al eerder in de Crisis- en herstelwet was opgenomen. In deze bijdrage wordt aan de hand van een aantal recente Afdelingsuitspraken bezien welke consequenties dit nieuwe wetsartikel voor de rechtspraktijk heeft. Duidelijk is dat de beperking van het beroepsrecht  ❯


Verwijtbare werkloosheid: ontslagreden boven ontslagroute

Wellicht is het u in de eindejaarshectiek ontgaan, maar de Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft eind 2018 een noemenswaardige uitspraak gedaan die ik u niet wil onthouden. Er is namelijk een nieuw toetsingskader ontwikkeld voor het beoordelen van de vraag of een werknemer verwijtbaar werkloos is geworden in de zin van (artikel 24 van)  ❯


Parkeren en ruimtelijke ordening; een lastige combinatie

Parkeerbehoefte en een goede ruimtelijke ordening: een combinatie die tot veel reuring, vragen en dus ook jurisprudentie leidt.  In een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 januari 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:9) wordt weer eens duidelijk uiteen gezet hoe getoetst moet worden of een project voldoende parkeergelegenheid biedt om in de parkeerbehoefte  ❯


Veranderingen in arbeidsrechtland in 2019

Monetta Driessen heeft al een interessante blog geschreven over de verwachte trends en ontwikkelingen in HRM land. In aanvulling op die blog een aantal arbeidsrechtelijke weetjes: Voor kleine werkgevers wordt het makkelijker om in aanmerking te komen voor de overbruggingsregeling. Er hoeft niet langer in elk van de drie boekjaren voor aanvang van een ontslagprocedure  ❯


Een antennemast in your backyard?

Op 5 december 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:3979) deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) uitspraak in de zaak waarin het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wassenaar aan KPN een omgevingsvergunning had verleend voor het bouwen van een antennemast voor het mobiele netwerk. In de zaak komt aan de orde op welke  ❯


Staatssteun en grondverwerving: een wespennest

Wie het onderste uit de kan wil, krijgt het lid op de neus. Dit gezegde dringt zich op na lezing van het arrest  van het hof Arnhem Leeuwarden d. d. 6 november 2018 in een zaak tussen de gemeente Harlingen en het bedrijf Spaansen, die al eerder tot veel publiciteit leidde. Teruggebracht tot de essentie  ❯