Véza Vos - 19-09-2019

Een hoge WW-premie voor flexibele arbeidskrachten per 1 januari 2020

Onder de Wet Arbeidsmarkt in Balans (‘WAB’) wordt het duurder om flexibele arbeidskrachten in te zetten. Dat komt onder meer door een wijziging in de financiering van de Werkloosheidswet (‘WW’). Ik vertel u daarover graag meer.

WW-premie

Als werkgever draagt u WW-premie af. Op dit moment wordt de hoogte van die premie bepaald door de sector waarin uw bedrijf door de Belastingdienst is ingedeeld.  Onder de WAB zal niet langer de sector maar het soort contract bepalend zijn voor de hoogte van de premie. Voor werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zult u 5% meer premie moeten gaan betalen dan voor werknemers met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Tijdens Prinsjesdag is door de regering bekend gemaakt dat de WW-premie voor vaste krachten naar verwachting 2,94% en voor flexwerkers 7,94% zal gaan bedragen. De bedoeling hiervan is dat het voor werkgevers aantrekkelijker wordt om een vast contract aan werknemers aan te bieden.

Overgangsrecht

De nieuwe premiedifferentiatie zal per 1 januari 2020 in werking treden. In dat kader is in de wet bepaald dat iedere eerste dag van een loonaangiftetijdvak wordt bekeken of de hoge dan wel de lage premie moet worden afgedragen. De afdracht geschiedt vervolgens over een geheel loonaangiftetijdvak. Als een werknemer halverwege een aangiftetijdvak een vast contract krijgt, mag u dus pas vanaf het daaropvolgende aangiftetijdvak de lage premie gaan hanteren.

Herziening

In bepaalde situaties kan het zo zijn dat in eerste instantie het lage tarief wordt betaald maar achteraf alsnog de hoge premie moet worden afgedragen (de zogenoemde herzieningssituaties). Het gaat om gevallen waarin een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is gesloten maar waarbij:

  • het dienstverband binnen twee maanden na aanvang van de arbeidsovereenkomst eindigt, of
  • de werknemer binnen een kalenderjaar meer dan 30 % meer uren verloond heeft gekregen dan contractueel is overeengekomen en het geen arbeidsovereenkomst van 35 uur of meer per week betreft.

Stel bijvoorbeeld dat u met een werknemer een vast contract bent aangegaan per 1 januari 2020 en de werknemer dat contract per 29 februari 2020 (dus binnen twee maanden) opzegt; u betaalt dan in eerste instantie een lage premie (want een vast contract) die u vervolgens over de maanden januari en februari 2020 moet herzien. U dient dan dus met terugwerkende kracht de hoge premie af te dragen.

Salarisadministratie

Om de controle op de premiedifferentiatie makkelijker te maken, is in de wet bepaald dat werkgevers een kopie van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, alsmede een loonstrook in de administratie moeten opnemen. Indien sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd dan moet dat op de loonstrook worden vermeld. Het is verstandig om te controleren of (de administratie van) uw organisatie dat al doet en ook doet u er goed aan om bij het al dan niet aanbieden van een vast of een tijdelijk contract nu al rekening te houden met de premiedifferentiatie.

Kortom: WW premiekosten stijgen

De premiekosten voor de WW zullen stijgen.  Zeker bedrijven die veel met flexibele arbeidskrachten werken (bijvoorbeeld in de horeca) zullen de premieheffing in hun portemonnee (gaan) voelen maar ABN Amro verwacht dat de hogere personeelskosten uiteindelijk voor een deel zullen worden afgewenteld op de consument. Een wijntje op het terras kan per 1 januari 2020 dus wel eens een stuk duurder worden.