Een concreet initiatief in een zienswijze tegen bestemmingsplan



De gemeente Zandvoort wilde het bestemmingsplan “Centrum-Zandvoort” actualiseren, waarbij grotendeels de bestaande bestemmingen zouden worden overgenomen. Tegen de vaststelling van het bestemmingsplan stelde de eigenaar van voormalige bedrijfsbebouwing op een binnenterrein beroep in. Deze appellant had in zijn zienswijze laten weten dat hij de voormalige bedrijfsbebouwing wilde gebruiken als zelfstandige woning en dat aan het perceel een bouwvlak zou moeten worden toegekend om zelfstandig gebruik mogelijk te maken. In de uitspraak van 16 januari 2019 van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2019:81) komt aan de orde hoe de gemeenteraad moet omgaan met zulke plannen die worden aangekondigd in een zienswijze.

De gemeenteraad besloot geen medewerking te verlenen aan het verzoek om een bouwvlak op te nemen op het perceel. De raad wees erop dat het verzoek pas in de zienswijze kenbaar was gemaakt. Als de raad positief had beslist op het verzoek door vaststelling van het bouwvlak, zouden omwonenden daartegen geen zienswijzen meer hebben kunnen inbrengen. Tenslotte beschikte de raad over onvoldoende gegevens om de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een woning op die locatie te kunnen vaststellen.

De Afdeling begint met een herhaling van wat al in eerdere jurisprudentie is bepaald, namelijk dat: “de raad bij de vaststelling van een bestemming rekening dient te houden met een particulier initiatief betreffende ruimtelijke ontwikkelingen, voor zover dat initiatief voldoende concreet is, tijdig kenbaar is gemaakt en ten tijde van de vaststelling van dat plan op basis van de op dat moment bekende gegevens de ruimtelijke aanvaardbaarheid daarvan kan worden aangetoond.” Als dit het geval is, moet de raad een zorgvuldige afweging maken en bezien of aan het initiatief medewerking kan worden verleend.

De Afdeling overweegt dat het indienen van een verzoek in een zienswijze een passende en gebruikelijke manier is om een ruimtelijk initiatief kenbaar te maken. Hieruit is af te leiden dat het niet nodig is dat er een aanvraag voor een omgevingsvergunning is ingediend. De Afdeling oordeelt dat in dit geval sprake was van een voldoende concreet plan dat tijdig kenbaar was gemaakt. Daarbij zal vermoedelijk hebben meegespeeld dat het hier ging om het wijzigen van de functie van bestaande bebouwing en daarmee een plan van beperkte impact. Uit de uitspraak blijkt niet dat er stukken (zoals tekeningen) waren overgelegd waaruit de bouwplannen precies bleken. In dat opzicht lijkt de Afdeling wat toeschietelijker aan de initiatiefnemer dan in eerdere jurisprudentie. De Afdeling overwoog namelijk eerder dat degene die geen stukken had overgelegd waaruit bleek dat er sprake was van een concreet bouwplan, een onvoldoende concreet initiatief had (ABRvS 23 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2753).

Nu het initiatief volgens de Afdeling wel voldoende concreet was, had het op de weg van de gemeenteraad gelegen om aan te geven over welke gegevens het gemeentebestuur niet beschikte en welke stukken nog nodig waren om het plan te beoordelen.

Het argument van de gemeenteraad dat omwonenden geen zienswijzen meer hadden kunnen indienen als de gemeenteraad het bouwvlak naar aanleiding van de zienswijze van de eigenaar had toegekend, gaat niet op. De gemeenteraad had de omwonenden bij het plan kunnen betrekken vóór de vaststelling, aldus de Afdeling. Bij de beoordeling van zienswijzen is het dus van belang dat de gemeenteraad beziet of er een concreet initiatief in een zienswijze is voorgesteld, welke gegevens er nodig zijn om dat verzoek te beoordelen, de initiatiefnemer gelegenheid biedt om die gegevens aan te vullen en zo nodig omwonenden in de gelegenheid stelt om te reageren op het plan uit de zienswijze van de initiatiefnemer.

Deze bijdrage is ook gepubliceerd in de Nieuwsbrief Omgevingsrecht van SDU.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Rachel Hoeneveld (tel. 023 5530 241; hoeneveld@potjonker.nl) of een van de andere advocaten van de sectie Bestuurs- en Overheidsrecht van Pot Jonker advocaten. Vond u deze blog interessant en wilt u op de hoogte blijven? Schrijft u zich dan in voor onze nieuwsbrief.




Actueel / blog

De Wet arbeidsmarkt in balans aangenomen door de Tweede Kamer

In november berichtte mijn collega Muriel Middeldorp al over de Wet arbeidsmarkt in balans (de Wab). Bijna drie maanden later, op 5 februari 2019, heeft de Tweede Kamer het voorstel met enkele wijzigingen aangenomen. Een korte samenvatting van het voorstel: Ondanks verschillende kritieken is de introductie van de cumulatiegrond (i-grond) in stand gehouden. Deze nieuwe  ❯


Werknemer heeft recht op inzage en kopie van het personeelsdossier

Als werkgever verwerkt u veel persoonsgegevens van werknemers. Zo beschikt u over het BSN, een kopie van het identiteitsbewijs, het e-mailadres, telefoonnummer en waarschijnlijk bewaart u ook functioneringsverslagen, ziek- en herstelmeldingen et cetera. Het komt steeds vaker voor dat werknemers inzage in die gegevens willen. Moet u meewerken en een kopie van het personeelsdossier verstrekken?  ❯


Annotatie tijdschrift Jurisprudentie Onderneming & Recht (JOR)

In het tijdschrift Jurisprudentie Onderneming & Recht (JOR) is een nieuwe annotatie van de hand van Mart van Genugten verschenen. De noot is geschreven naar aanleiding van een uitspraak van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch van 6 september 2018 (ECLI:NL:GSHE:2018:3695). De uitspraak en de noot gaan over het bijzondere rechtsmiddel “herroeping”. Hiermee kunnen rechterlijke uitspraken na het  ❯


Een concreet initiatief in een zienswijze tegen bestemmingsplan

De gemeente Zandvoort wilde het bestemmingsplan “Centrum-Zandvoort” actualiseren, waarbij grotendeels de bestaande bestemmingen zouden worden overgenomen. Tegen de vaststelling van het bestemmingsplan stelde de eigenaar van voormalige bedrijfsbebouwing op een binnenterrein beroep in. Deze appellant had in zijn zienswijze laten weten dat hij de voormalige bedrijfsbebouwing wilde gebruiken als zelfstandige woning en dat aan het  ❯


Annotatie JAAN over de uitleg van een verlengingsoptie in een overeenkomst voor het transport en de verwerking van restafval

In aflevering 6 (2018) van het tijdschrift Jurisprudentie Aanbestedingsrecht is een annotatie van de hand van Babette Blaisse verschenen. In deze annotatie plaatst zij een aantal kritische kanttekeningen bij het vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag d.d. 30 mei 2018 (ECLI:NL:RBDHA:2018:6510). De zaak gaat over de uitleg van een verlengingsoptie in een  ❯


Bezorgen voor Deliveroo: als zelfstandige of als werknemer (II)?

Over de samenwerking tussen Deliveroo en haar bezorgers is inmiddels door twee Amsterdamse kantonrechters een drietal uitspraken gedaan. Over de eerste uitspraak schreef ik al eerder een blog met dezelfde titel. Voor de feiten en de rechtsregels verwijs ik naar die eerste blog. Deze blog gaat over de spraakmakende tweede uitspraak van de kantonrechter. Op de  ❯


Vacature: advocaat-stagiaire Ondernemings- en Insolventierecht en advocaat-stagiaire Vastgoed

Pot Jonker Advocaten N.V. is een van de grote kantoren in de regio Haarlem. Bij Pot Jonker werken ambitieuze advocaten met liefde voor het vak en een “no nonsense” mentaliteit. De sfeer op kantoor is informeel en collegiaal. Deuren staan open en kennis en ervaringen worden gedeeld. Er wordt veel samengewerkt in secties en praktijkgroepen  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
16 januari 2019

Wijziging van de ladder voor duurzame verstedelijking, hoeveel treden worden er werkelijk genomen?

De realisatie van een bedrijf zal vaak als nieuwe stedelijke ontwikkeling kwalificeren. In dat geval moet aan de ladder voor duurzame verstedelijking worden voldaan (de Ladder). Kort samengevat onderzoekt het bevoegd gezag (in de praktijk laat het bevoegd gezag dit onderzoeken) bij het aflopen van de Ladder of er wel behoefte is aan het nieuwe  ❯


Annotatie over toezichthoudersaansprakelijkheid

Toezichthoudersaansprakelijkheid: Heeft de toezichthouder in redelijkheid tot zijn beleid met betrekking tot toezicht en controle dan wel tot zijn optreden in een concreet geval kunnen komen, gegeven een ruime mate van beleids- en beoordelingsvrijheid, het aan de orde zijnde risico en de hem bekende omstandigheden? Barkhuysen & Swagemakers, Gst. toezichthoudersaansprakelijkheid


De overheid als contractpartner bij ruimtelijke ontwikkelingen – verzwakt veel beloven het vertrouwen?

In de praktijk komt het regelmatig voor dat de gemeenteraad planologische medewerking onthoudt aan een ruimtelijke ontwikkeling, nadat de ontwikkelaar daarover maanden – soms jaren – overleg heeft gevoerd met de gemeente. De ontwikkelaar ontleende aan dat overleg het vertrouwen dat de gemeenteraad zijn planologische medewerking wel zou verlenen. Soms is dat vertrouwen zelfs gebaseerd  ❯