Incasso? Let op de veertiendagentermijn!



Een schuldeiser die jegens een consument-schuldenaar aanspraak wil maken op een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten, dient een zogenaamde veertiendagenbrief te versturen. In die brief moet de schuldeiser de consument-schuldenaar een termijn van veertien dagen gunnen om de openstaande rekening te voldoen, zonder dat binnen deze termijn al incassokosten verschuldigd raken. In een recent arrest heeft de Hoge Raad onder meer verduidelijkt wanneer de termijn gaat lopen.

Op 1 juli 2012 trad de Wet Incassokosten in werking. Aan artikel 6:96 BW werd een nieuw lid 6 toegevoegd. Voordat een schuldeiser aanspraak kan maken op een genormeerde vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten, moet hij een consument-schuldenaar eerst een termijn van veertien dagen gunnen om alsnog na te komen. Binnen die termijn raken nog geen incassokosten verschuldigd. In de brief moet tevens worden vermeld hoe hoog de incassokosten zullen zijn indien de consument-schuldenaar de vordering niet voldoet. Blijft betaling alsnog uit, dan wordt de consument-schuldenaar de in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten genormeerde vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd. Die vergoeding betreft een forfaitair percentage gerelateerd aan de hoogte van de verschuldigde hoofdsom.

In een arrest uit 2014 heeft de Hoge Raad uitgemaakt dat de veertiendagenbrief zelf al een incassohandeling is. Om aanspraak te kunnen maken op incassokosten is de schuldeiser dan ook niet gehouden nog nadere incassohandelingen te verrichten. Er bestond in lagere rechtspraak echter onduidelijkheid over de vraag wanneer de veertiendagentermijn gaat lopen. Volgens de wettekst vangt de termijn van veertien “de dag na aanmaning” aan. Is dat veertien dagen na dagtekening, verzending of ontvangst van de brief? Ook was onduidelijk wat de gevolgen waren indien de termijn op onjuiste wijze in de brief was vermeld.

Naar aanleiding van daarop gerichte prejudiciële vragen heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 25 november 2016 een einde gemaakt aan die onduidelijkheid. De veertiendagenbrief is een verklaring als bedoeld in artikel 3:37 lid 3 BW. Om haar werking te hebben dient zij de consument-schuldenaar te hebben bereikt. De termijn van veertien dagen gaat derhalve lopen de dag nadat de aanmaningsbrief door de consument-schuldenaar is ontvangen. De gedachte is dat het de consument-schuldenaar duidelijk moet zijn dat hem die volle wettelijke termijn van veertien dagen ter beschikking staat. De inhoud van de brief mag niet de onjuiste indruk wekken dat reeds incassokosten verschuldigd zijn op een datum waarop in werkelijkheid de wettelijke termijn van veertien dagen nog niet is verstreken.

Bevat de brief wel een termijn van veertien dagen, maar is een te vroege dag van aanvang of einde van de termijn aangewezen, dan voldoet de brief niet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Betaalt de consument-schuldenaar de vordering niet, dan kan de schuldeiser in dat geval geen aanspraak maken op incassokosten. Hij dient een nieuwe aanmaningsbrief te sturen en aan de consument-schuldenaar opnieuw een termijn van veertien dagen te gunnen. Een onjuist vermelde termijn kan niet gerepareerd worden door nog een korte extra betalingstermijn te geven.

Hoe moet het dan wel? De formulering dat incassokosten verschuldigd worden indien niet betaald is “binnen veertien dagen vanaf de dag nadat deze brief bij u is bezorgd” of “binnen vijftien dagen nadat deze brief bij u is bezorgd” voldoet volgens de Hoge Raad aan de wettelijke eisen.

Tot slot heeft de Hoge Raad in dit arrest nog bepaald dat indien de consument-schuldenaar voor het verstrijken van de termijn betaalt, maar slechts een deel van het door hem verschuldigde, slechts incassokosten verschuldigd worden over het niet tijdig betaalde gedeelte van de hoofdsom.

Mocht u vragen hebben bij het opstellen van een veertiendagenbrief, neemt u dan contact op met Kristianne Horrevorts (tel. 023 – 5530 2 24, horrevorts@potjonker.nl) of een van de andere advocaten van de sectie Civiel van Pot Jonker Advocaten.




Actueel / blog

Endotoxinen, zoönose, gezondheid en de noodzaak tot het opstellen van een milieueffectrapport

De vrees voor gezondheidsschade door fijn stof, endotoxinen en/of zoönosen (van dier op mens overdraagbare ziekten) speelt steeds vaker een rol bij het verlenen van omgevingsvergunningen in met name de agrarische- en veehouderijsector. Voor fijn stof zijn emissiefactoren vastgesteld voor runderen, varkens, geiten, kippen, kalkoenen, eenden, nertsen en parelhoenders. De varkenssector en met name de  ❯


Oneerlijke overheidsconcurrentie aan banden gelegd

Ter voorkoming van oneerlijke concurrentie dienen overheden die concurreren met marktpartijen zich te houden aan de gedragsregels in de Wet Markt en Overheid. Deze gedragsregels kunnen opzij worden gezet door het nemen van een algemeen belang besluit. In verschillende rechtszaken is inmiddels geprocedeerd over de vraag of de exploitatie van parkeergarages door de overheid kan  ❯


Rocco Mulder aangesteld tot curator in faillissement Indiase Jet Airways

De op één na grootse luchtvaartmaatschappij van India, Jet Airways (India) Limited, is op 21 mei 2019 door de rechtbank Noord-Holland in Haarlem in staat van faillissement verklaard met aanstelling van Rocco Mulder tot curator. Het faillissement is aangevraagd door transporteurs uit België en Luxemburg. Rocco Mulder is één van de drie bij Pot Jonker  ❯


Pot Jonker staat burgemeester Haarlemmermeer bij in kort geding OV-staking

Door de landelijke OV-staking vandaag is het voor veel mensen een uitdaging om op hun plek van bestemming te komen. Dat is niet alleen vervelend, maar kan ook tot gevaarlijke situaties leiden daar waar grote mensenmassa’s stranden. Daarom zijn we trots dat Pot Jonker advocaten de burgemeester van de Haarlemmermeer succesvol heeft kunnen bijstaan in  ❯


Pot Jonker advocaten zoekt ervaren advocaat IT, IE, privacy & e-commerce

Vanwege de groei van onze sectie IT, Intellectueel eigendom (IE), privacy en e-commerce kijken wij uit naar een ondernemende en gedreven advocaat om met ons deze praktijk verder uit te bouwen. Techsectie bij Pot Jonker Onze sectie IT, IE, privacy & e-commerce werkt voor middelgrote tot grote ondernemingen in het hogere segment, overheden en zorginstellingen.  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
24 mei 2019

Wijzigingen medisch tuchtrecht per 1 april 2019

Waarschijnlijk bent u er al mee bekend dat de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) per 1 april 2019 is gewijzigd. Omdat een aantal van die wijzigingen vrij ingrijpend zijn, zal ik de belangrijkste veranderingen voor u op een rij zetten: Verruiming van de reikwijdte van de Wet BIG Niet alleen  ❯


Contracting als nieuwe vorm van samenwerken: het ei van Columbus

De laatste jaren is er veel te doen over allerlei nieuwe samenwerkingsvormen. Iedereen kent de klassieke arbeidsovereenkomst en uitzendrelatie. De laatste jaren was de samenwerking met zzp’ers een hot topic en momenteel staat arbeid via een platform (zoals Deliveroo) veel in de belangstelling. Daarnaast wordt weleens gesproken over problemen met contracting. Maar wat is dat  ❯


Een aanvaardbaar niveau van hinder

Een open voorschrift in een milieuvergunning, dat de exploitant verplicht om hinder te beperken tot een ”aanvaardbaar niveau”, is geen vrijbrief om daarin alsnog strenge normen ter voorkoming van die hinder te lezen, zo leert een uitspraak van de Afdeling van 24 april 2019. Naleving van de vergunning moet geen moving target worden voor de  ❯


Mogelijke verruiming inzagerecht in medisch dossier door nabestaanden

Eerder informeerde ik u over een wetsvoorstel waarin het inzagerecht voor nabestaanden wettelijk wordt vastgelegd. Op 23 april 2019 heeft de Tweede Kamer met het wetsvoorstel ingestemd, maar daaraan voorafgaand zijn er nog wel enkele wijzigingen doorgevoerd. Het is dan ook tijd voor een update. Op grond van het wetsvoorstel wordt het voor nabestaanden mogelijk  ❯


Kunnen bonden buiten spel worden gezet?

Kunnen bonden buiten spel worden gezet? Enige tijd terug was groot nieuws dat supermarktketen Jumbo met de ondernemingsraad een arbeidsvoorwaardenregeling (AVR) had afgesproken. Wat minder bekend is, is dat de bonden vervolgens de gang naar de rechter gemaakt hebben en die strijd wonnen, omdat Jumbo vergeten was de CAO op te zeggen. Dat is nu  ❯