Een aanvaardbaar niveau van hinder



Een open voorschrift in een milieuvergunning, dat de exploitant verplicht om hinder te beperken tot een ”aanvaardbaar niveau”, is geen vrijbrief om daarin alsnog strenge normen ter voorkoming van die hinder te lezen, zo leert een uitspraak van de Afdeling van 24 april 2019. Naleving van de vergunning moet geen moving target worden voor de exploitant.

Een bedrijf dat in Borgercompagnie een mestvergistingsinstallatie exploiteert, beschikte over een vergunning daartoe uit 2005. Deze vergunning bevat geen concrete voorschriften ter beperking aan de geurhinder vanuit het bedrijf. Wel was aan de vergunning als voorschrift 1.6 een bepaling verbonden, die overeenstemt met artikel 2.1 van het Activiteitenbesluit en die de exploitant verplicht om nadelige gevolgen voor het milieu te voorkomen of te beperken, voor zover dit redelijkerwijs van hem kan worden gevergd. Het voorschrift bepaalt verder – nog steeds in navolging van artikel 2.7a Activiteitenbesluit – dat onder het voorkomen of beperken van nadelige gevolgen voor het milieu wordt verstaan het voorkomen dan wel voor zover dat niet mogelijk is het tot een aanvaardbaar niveau beperken van geurhinder.

Nadat het bedrijf jaren op basis van deze vergunning had gedraaid, besloot het college van burgemeester en wethouders van Veendam aan het bedrijf een last onder dwangsom op te leggen in verband met het veroorzaken van geurhinder. Mogelijk waren er inmiddels klachten van omwonenden binnengekomen, daarover vermeldt de uitspraak niets. De last werd gebaseerd op overtreding van voorschrift 1.6 uit de vergunning. Dat bracht ter tafel de vraag wat onder een aanvaardbaar niveau van geurhinder moest worden verstaan. Het college vulde deze norm in aan de hand van het Groninger provinciaal geurbeleid. Daaruit werd een geurcontour rond het bedrijf afgeleid. Omdat het bedrijf ook buiten die contour geurhinder veroorzaakte, werd een last onder dwangsom opgelegd. Het bedrijf vocht die aan.

De rechtbank achtte de aanpak van het college juist. Zij overwoog daartoe dat met de vergunning aan het bedrijf weliswaar de activiteit van het mestvergisten was toegestaan, maar dat daarmee geen geurruimte was vergund zodat het bedrijf geen bestaande rechten had op dat punt. De invulling van het begrip aanvaardbaar niveau van geurhinder aan de hand van het provinciale geurbeleid, achtte de rechtbank niet onredelijk. De last bleef dan ook in stand.

In hoger beroep had het bedrijf meer succes. Nadat in 2017 de last al door de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak was geschorst, leed het besluit in de bodemprocedure in hoger beroep definitief schipbreuk.

De Afdeling overweegt dat aan het bedrijf activiteiten zijn toegestaan, waarmee weliswaar geen geurruimte is vergund, maar waarmee geuremissies nu eenmaal onlosmakelijk samenhangen. Die emissies waren geen reden geweest om die activiteiten niet te vergunnen of specifiek daarop toegesneden geurvoorschriften op te nemen. Daarmee was naar het oordeel van de Afdeling vertrouwen gewekt bij het bedrijf dat, als het overeenkomstig de vergunningen zou handelen, de geurhinder tot een aanvaardbaar niveau beperkt was en er dus geen strijd met voorschrift 1.6 zou zijn. Ook wees de Afdeling erop dat volgens artikel 2.7a, derde lid van het Activiteitenbesluit bij het bepalen van het aanvaardbare niveau in de zin van artikel 2.1 van dat besluit, mede aandacht moet worden geschonken aan de historie van het bedrijf en de bestaande en verwachte geurhinder daarvan. Daar vond de Afdeling niets van terug in de overwegingen van het college, dat zich immers geheel op het Groninger geurbeleid had gericht. Bovendien had het college niet onderzocht of de provinciale geurnormen door het bedrijf überhaupt konden worden nageleefd, zonder dat daarvoor maatregelen getroffen moesten worden die redelijkerwijs niet van het bedrijf konden worden gevergd. Om die redenen werd de bestreden beslissing op bezwaar vernietigd en de last herroepen.

Het handhaven van de open norm van voorschrift 1.6, maar ook van het daaraan gelijke artikel 2.1 van het Activiteitenbesluit, heeft dus meer voeten in de aarde dan het college dacht. Het is geen vrijbrief om een vage norm achteraf naar de inzichten van nu in te vullen. Rekening moet worden gehouden met de historie. Zou die zich er al niet toe verzetten om de norm “streng” in te vullen, dan is het bevoegd gezag er ook nog (lang) niet. Dan moet immers nog worden onderzocht of het voldoen aan die strenge norm voor het bedrijf ook haalbaar is. Zo niet, dan kan die norm dus niet worden gehanteerd.

Als het college toch iets wil bereiken, waarvoor natuurlijk goede redenen kunnen bestaan, dan moet het een andere weg kiezen, t.w. de wijziging van de vergunning. Dan kan de exploitant zich daartegen verweren en rechtsmiddelen aanwenden. Die route kan niet worden omzeild via de invulling van een vage norm.

Deze bijdrage is ook gepubliceerd in de nieuwsbrief Omgevingsrecht van SDU

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jan Coen Binnerts (tel. 023-5530246), binnerts@potjonker.nl of een van de andere advocaten van de sectie Bestuurs- en Overheidsrecht van Pot Jonker Advocaten.

Vond u deze blog interessant en wilt u op de hoogte blijven? Schrijft u zich dan in voor onze nieuwsbrief.




Actueel / blog

Pot Jonker loopt de Haarlemse Grachtenloop

Afgelopen week was het weer tijd voor de Haarlemse Grachtenloop. Al ruim 15 jaar loopt het Pot Jonker-team mee met deze gezellige midzomeravondloop. Deelname is een feest “Deelname aan de Grachtenloop is altijd een feest! De voorbereidingen die je als team treft om gezamenlijk prijzen te pakken, want zo fanatiek zijn we dan wel, is heel leuk.  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
16 juli 2019

Het nieuwe stappenplan toegepast: slaagt het beroep op het vertrouwensbeginsel?

In een uitspraak van 5 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1838, past de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) het stappenplan uit haar uitspraak van 29 mei 2019 toe om te bepalen of het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt. Feiten Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn (college)  trad handhavend op tegen bouwwerken  ❯


Vrouwelijk bestuur De Jonge Balie in het Advocatenblad

Leuk om één van onze jonge advocaten namelijk mr. Rachel Hoeneveld, naar aanleiding van haar rol als secretaris van De Jonge Balie Noord-Holland, terug te zien in de meest recente uitgave van het Advocatenblad. Samen met vier andere vrouwen vormt zij het bestuur van deze vereniging voor advocaten uit Noord-Holland. “Vanuit Pot Jonker levert iedereen  ❯


Endotoxinen, zoönose, gezondheid en de noodzaak tot het opstellen van een milieueffectrapport

De vrees voor gezondheidsschade door fijn stof, endotoxinen en/of zoönosen (van dier op mens overdraagbare ziekten) speelt steeds vaker een rol bij het verlenen van omgevingsvergunningen in met name de agrarische- en veehouderijsector. Voor fijn stof zijn emissiefactoren vastgesteld voor runderen, varkens, geiten, kippen, kalkoenen, eenden, nertsen en parelhoenders. De varkenssector en met name de  ❯


Interview met Babette Blaisse over oneerlijke overheidsconcurrentie

Ter voorkoming van oneerlijke concurrentie dienen overheden die concurreren met marktpartijen zich te houden aan de gedragsregels in de Wet Markt en Overheid. Deze gedragsregels kunnen opzij worden gezet door het nemen van een algemeen belang besluit. In verschillende rechtszaken is inmiddels geprocedeerd over de vraag of de exploitatie van parkeergarages door de overheid kan  ❯


Rocco Mulder aangesteld tot curator in faillissement Indiase Jet Airways

De op één na grootse luchtvaartmaatschappij van India, Jet Airways (India) Limited, is op 21 mei 2019 door de rechtbank Noord-Holland in Haarlem in staat van faillissement verklaard met aanstelling van Rocco Mulder tot curator. Het faillissement is aangevraagd door transporteurs uit België en Luxemburg. Rocco Mulder is één van de drie bij Pot Jonker  ❯


Pot Jonker staat burgemeester Haarlemmermeer bij in kort geding OV-staking

Door de landelijke OV-staking vandaag is het voor veel mensen een uitdaging om op hun plek van bestemming te komen. Dat is niet alleen vervelend, maar kan ook tot gevaarlijke situaties leiden daar waar grote mensenmassa’s stranden. Daarom zijn we trots dat Pot Jonker advocaten de burgemeester van de Haarlemmermeer succesvol heeft kunnen bijstaan in  ❯


Pot Jonker advocaten zoekt ervaren advocaat IT, IE, privacy & e-commerce

Vanwege de groei van onze sectie IT, Intellectueel eigendom (IE), privacy en e-commerce kijken wij uit naar een ondernemende en gedreven advocaat om met ons deze praktijk verder uit te bouwen. Techsectie bij Pot Jonker Onze sectie IT, IE, privacy & e-commerce werkt voor middelgrote tot grote ondernemingen in het hogere segment, overheden en zorginstellingen.  ❯

Pot Jonker Advocaten
Pot Jonker Advocaten
24 mei 2019

Wijzigingen medisch tuchtrecht per 1 april 2019

Waarschijnlijk bent u er al mee bekend dat de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) per 1 april 2019 is gewijzigd. Omdat een aantal van die wijzigingen vrij ingrijpend zijn, zal ik de belangrijkste veranderingen voor u op een rij zetten: Verruiming van de reikwijdte van de Wet BIG Niet alleen  ❯


Contracting als nieuwe vorm van samenwerken: het ei van Columbus

De laatste jaren is er veel te doen over allerlei nieuwe samenwerkingsvormen. Iedereen kent de klassieke arbeidsovereenkomst en uitzendrelatie. De laatste jaren was de samenwerking met zzp’ers een hot topic en momenteel staat arbeid via een platform (zoals Deliveroo) veel in de belangstelling. Daarnaast wordt weleens gesproken over problemen met contracting. Maar wat is dat  ❯